Wikia


"Allaric is altijd voorbereid, dwaas." -Koning Dransin III

Dransin III, werkelijke naam Cheoll Ithmicara, is de koning van het Koninkrijk Allaric in centraal Haldar en het hoofd van het koninklijke Huis Ithmicara. Hij staat bekend als een inhalig heerser die veel eist van zijn burgers, maar die ook goed over zijn land regeert. Zonder een sterke heerser zou Allaric zo van de kaart geveegd worden door de grotere koninkrijken, vindt hij. De koning is roekeloos en gaat over lijken om zichzelf en zijn koninkrijk te beschermen. Hij is geen lieverdje, en staat erom bekend dat hij mensen die hem niet aanstaan laat opsporen en ombrengen. Dransin regeert vanuit het Centrale Paleis in de hoofdstad Trallic. Zijn grote rivaal is Hoogmeester Caradin, de leider van de Kerk van Glarric. Dransin wordt geadviseerd door onder andere Chonin Draan en de Elfse tovenaar Cancelmo. De koning liet zien dat hij genadeloos was toen hij Tomasso Ithmicara, een zoon van een broer van de vroegere koning Adroc IV, liet executeren op verdenkingen van het beramen van een aanslag op hem in 524. Dransin heeft drie kinderen: de geniepige kroonprins Agastair, de agressieve Gwion, en de verleidelijke Merid.

Politiek

Koning Dransin III heeft zeer rechtse opvattingen, die aansluiten bij de elitair-authoritaire politiek die heerst in zijn land. Hij zou het liefst de grenzen compleet willen sluiten voor alle bezoekers, en zou alle mensen die de wet ook maar in de minste mate niet opvolgen willen laten executeren. Hij is zeer nationalistisch, stelt zijn eigen land voorop en ziet het niet zitten andere staten te helpen wanneer dan niet absoluut nodig is. Hiermee staat hij pal tegenover Emon VI, de links-collectivistisch-liberale vorst van Lirion, en de gematigde Kazran Panevron van Gilrad. Velen zien hem als een tiran en een dictator. Ondanks zijn ijzersterke regime wil Dransin enkel het beste voor zijn land. Het Broederschap van de Draak, het misdaadsyndicaat van Laureano Corma, werd specifiek gesticht om de alleenheerschappij en het dicatoriale regime van Dransin het hoofd te bieden. Dransins macht wordt enigszins ingeperkt door de aanwezigheid van de Senaat, een politiek orgaan dat via censuskiesrecht wordt gekozen door rijke burgers. Met de Senaat kunnen aristocratische adellijke families invloed uitoefenen op de regering, en de adel in Allaric is dan ook betrekkelijk machtig.

Familie

Dransins vrouw is Koningin Gwennyn, een vroegere prostituee die hij in zijn tijd als kroonprins regelmatig bezocht. In 507 verwekte hij zijn zoons Agastair en Gwion bij haar. Toen deze geboren werden, nam Cheoll ze meteen mee naar het Centrale Paleis om hen op te voeden. In 508 werd zijn dochter Merid geboren. Cheoll was enorm verliefd op Gwennyn. Omdat hij bang was voor een schandaal binnen de hogere adel en voor de woede van zijn ouders, kon hij echter niet met haar trouwen of haar zelfs maar mee naar huis nemen. Hij gaf haar echter wel wat geld, waardoor ze in een redelijk huis in Koningskroon kon leven. Toen hij in 510 koning werd als gevolg van de mysterieuze dood van zijn vader Adroc IV, koos hij haar als zijn vrouw. Dransin had een zus genaamd Esuna Ithmicara, die hij in 510 5TP uithuwde aan edelman Varlen Trandorien. In 512 scheidde Esuna van Varlen en trouwde ze met Giron Storma, een van Dransins hofadviseurs. Dransin was het hier geenszins mee eens, maar hij deed ook niets om het huwelijk te stoppen. Onder de Klifdansers gaat echter het gerucht dat hij achter de schermen zijn zus mishandelde en zelfs verkrachtte (een gerucht dat de wereld ingebracht is door Ezren Zad). In 523 verdween Esuna in de Achterwijken. Dransin hield een kleine ceremonie voor haar, maar leek niet echt van slag te zijn.

Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.